De gemeente
![]() |
|
Wat is een gemeente?
De gemeente is het kleinste en oudste bestuursniveau in ons land. De oorsprong van de gemeenten gaat ver in de geschiedenis terug. Het waren oorspronkelijk plaatsen waar mensen gingen samenwonen, waar ze hun gemeenschappelijke belangen konden behartigen en verdedigen, af en toe zelfs met een oorlog tussen 'gemeentenaren' als gevolg. Aanvankelijk beschikten de gemeenten over een verregaande autonomie.
Elke stad is een gemeente, maar niet elke gemeente is een stad. Vaak vervullen steden een centrumfunctie voor het omliggende gebied. Er zijn dan bijvoorbeeld ziekenhuizen, musea, bedrijven en winkels. Maar ook kleinere gemeenten kunnen een stad zijn. Mesen bijvoorbeeld is een kleine gemeente met 927 inwoners en draagt toch de titel van stad. 'Stad' is dus een eretitel die een gemeente heeft gekregen.
Een provincie is een volgend staatkundig onderdeel van ons land. Ook de provincies hebben een zekere bestuurlijke autonomie. Hun bestuursniveau ligt tussen dat van de gemeenten enerzijds, en de gemeenschappen en gewesten en de federale staat anderzijds. Ook de provincies hebben een geschiedenis van voor de Belgische onafhankelijkheid. Sommige provincies hebben een lange politieke en culturele traditie met een eigen identiteit.
Bij de onafhankelijkheid in 1830 had de Belgische grondwetgever onmiddellijk aandacht voor het bestaan van de Belgische gemeenten en provincies. België werd georganiseerd als een eenheidsstaat, maar met een decentralisatie van bevoegdheden naar de provincies en de gemeenten. Ons land kende dus van bij het begin een nationale, een provinciale en een gemeentelijke overheid. Een hele tijd lang behielden de gemeenten hun statuut van voor de onafhankelijkheid. Pas in 1888 kwam er een specifiek Belgische gemeentewet. Die paste in een langzame evolutie naar een sterker wordend centraal bestuur.
Door een reeks grondwetsherzieningen in het laatste kwart van de 20e eeuw werd ons land omgevormd tot een federale staat met vijf bestuursniveaus : het federale niveau, het gemeenschaps- en gewestniveau, het provinciale niveau en het gemeentelijke niveau. Sedert 2001 zijn de gewesten bevoegd voor het binnenlands bestuur en kunnen ze dus zelf bepalen hoe hun gemeenten en provincies worden bestuurd. Het Vlaams Parlement heeft daartoe in 2005 een eigen Vlaams gemeentedecreet goedgekeurd.
Er zijn in België 10 provincies en 589 gemeenten, waarvan 308 gemeenten in Vlaanderen.
Wat doet de gemeente?
Gemeenten hebben twee soorten bevoegdheden :
- ‘de zorg voor het gemeentelijk belang’ regelen. Ze kunnen om het even welk initiatief nemen dat hen niet uitdrukkelijk verboden is door wetten, besluiten of decreten. Zo kan een gemeente bijvoorbeeld geen oorlog verklaren maar wel een jeugdhuis oprichten of een sporthal bouwen;
- een aantal 'medebewindstaken' uitvoeren. Dat zijn taken die zij in opdracht van de hogere bestuursniveaus uitvoeren. Zo is elke gemeente verplicht om een eigen bibliotheek te hebben, een gemeentelijk plan van aanleg op te maken en verkiezingen te organiseren.
Volgens het gemeentedecreet moeten de gemeenten zoveel mogelijk zelf de verantwoordelijkheid dragen voor de organisatie en de financiering van hun bestuur. Gemeenten hebben dan ook vaak een uitgebreide dienstverlening om het samenleven op hun grondgebied zo gestructureerd en aangenaam mogelijk te laten verlopen.
De laatste decennia is het takenpakket van een gemeente aanzienlijk uitgebreid en wellicht zullen er nieuwe taken blijven bijkomen. De wetgever heeft bovendien ook nog een hele reeks taken van ‘nationaal belang’ aan de gemeenten toegewezen. Administratietaken bijvoorbeeld, zoals het bijhouden van een kiesregister, een bevolkingsregister, het opstellen van geboorte-, huwelijks- en overlijdensakten enzovoort.
Aan de lijst van zijn bevoegdheden en diensten is te zien dat het bestuur van een gemeente heel wat zaken regelt waar iedereen wel mee te maken krijgt: geboorte en overlijden, vrije tijd, milieu, welzijn, werk, veiligheid, verkeer enzovoort.
Het bestuur van de gemeente
Het bestuur van een gemeente bestaat uit drie organen : een gemeenteraad, het college van burgemeester en schepenen (kortweg 'schepencollege') en een burgemeester.
De gemeenteraad
De gemeenteraad is in feite een gemeentelijk parlement. Om de zes jaar worden er gemeenteraadsverkiezingen gehouden om de leden van de gemeenteraad te kiezen. De volgende gemeenteraadsverkiezingen vinden plaats in 2012. Het aantal gemeenteraadsleden is afhankelijk van het inwonersaantal van de gemeente.
De gemeenteraad keurt de beleidsvoorstellen van het college van burgemeester en schepenen goed. Op die manier worden de beslissingen uiteindelijk door de gemeenteraad genomen. Daarom is de gemeenteraad de wetgevende macht van een gemeente.
Het college van burgemeester en schepenen
Een gemeente wordt bestuurd door een college van burgemeester en schepenen. Het aantal schepenen hangt af van het aantal inwoners. Het schepencollege bereidt de beslissingen voor, die dan door de gemeenteraad goedgekeurd moeten worden. Zodra die goedkeuring er is, moeten de schepenen die beslissingen ook uitvoeren. Daarom is het schepencollege de uitvoerende macht van een gemeente.
De Burgemeester
De burgemeester wordt door de meerderheid van de gemeenteraad voorgedragen, maar benoemd door het Vlaams gewest. Hij legt de eed af in handen van de gewestminister van Binnenlandse Aangelegenheden.
Zijn takenpakket is omvangrijk: hij behartigt de zaken van gemeentelijk belang, hij is verantwoordelijk voor de uitvoering van de besluiten van de hogere overheden, en bovendien is hij ook hoofd van de lokale politie.
Als eerste ambtenaar heeft de burgemeester verschillende taken van specifiek gemeentelijk belang: hij is automatisch voorzitter van het schepencollege, en moet dus ook de leiding van de vergaderingen op zich nemen. Daarnaast moet hij alle briefwisseling ontvangen, lezen en ondertekenen.
Als vertegenwoordiger van de regering in de gemeente is de burgemeester onder meer belast met de
uitvoering van wetten, decreten, en besluiten van alle hogere overheden (de provincie, het gewest, het land), behalve als de uitvoering hiervan uitdrukkelijk aan het college of de gemeenteraad toegewezen werd.
De burgemeester is tevens het hoofd van de lokale politie. Hij kan daardoor bijvoorbeeld de sluiting van een milieuvervuilend bedrijf bevelen als de nodige vergunningen ontbreken, of kan hij een meeting, een betoging of wat dan ook verbieden als de openbare orde erdoor verstoord zou worden. Hij beslist ook over de duur van administratieve aanhoudingen bij verstoring van de openbare orde. De burgemeester is verantwoordelijk voor het algemene veiligheidsbeleid in zijn gemeente.
Weetjes over raadsleden, schepenen en burgemeesters
Vast werk?
In ons land is de functie van schepen en burgemeester alleen in grotere gemeenten een voltijdse baan. In de meeste gemeenten hebben alle schepenen en burgemeesters naast dit politieke mandaat nog een andere baan, deeltijds of voltijds. Overigens kan er nooit echt sprake zijn van ‘vast werk’ omdat er elke zes jaar gemeenteraadsverkiezingen zijn. Iedereen die verkozen wordt kan aanspraak maken op ’politiek verlof’. Politiek verlof betekent een halve dag tot drie dagen extra betaalde vakantie per maand, met het oog op het uitoefenen van de politieke functie.
Goed betaald?
Gemeenteraadsleden krijgen geen wedde, maar meestal alleen presentiegeld (of ‘een zitpenning’) voor elke vergadering van de gemeenteraad. Of raadsleden dit krijgen en hoeveel, is afhankelijk van een beslissing van de gemeenteraad, die overigens niet eens verplicht is presentiegeld te betalen. In kleinere gemeenten gaat het vaak om niet veel meer dan 150 euro bruto per raadszitting. Als je weet dat er gemiddeld een keer per maand een gemeenteraad plaatsvindt, weet je ook meteen dat je er niet rijk van zult worden.
Schepenen en burgemeesters zijn er beter aan toe. Hun wedde wordt vastgesteld door de gewestminister van Binnenlandse Aangelegenheden. De wedde van een schepen bedraagt een bepaald percentage van de burgemeesterswedde, afhankelijk van de grootte van de gemeente. Ook de burgemeesterswedde is afhankelijk van het aantal inwoners.
Gemeentediensten
In elke gemeente is er een massa werk. De bevolkingsdienst en de dienst burgerlijke stand zijn de meest bekende diensten van de gemeente. Zij leveren heel wat documenten en vergunningen af waar iedereen wel eens mee te maken krijgt. In kleine gemeenten worden ze samengevoegd tot de dienst burgerzaken. Verder kunnen burgers bij de gemeente terecht op de sociale diensten welzijn en huisvesting. De jeugddienst, de sportdienst, de cultuurdienst en soms ook de dienst toerisme zorgen voor een zinvolle vrijetijdsbesteding. De groendienst, de technische dienst en de dienst ruimtelijke ordening houden de gemeente net en mooi.
Daarvoor heeft een gemeente zowel administratief als technisch personeel in dienst. Het aantal personeelsleden hangt af van het aantal inwoners. Om een idee te geven: in een middelgrote gemeente met 40.000 inwoners werken er om en bij de 200 personeelsleden en nog eens 70 à 80 personeelsleden bij de lokale politie.
Inspraak van de burgers
Stemmen bij de verkiezingen voor de gemeenteraad is uw mening geven over het gevoerde beleid en mee beslissen over het beleid voor de komende zes jaren. Toch is stemmen niet de enige manier om uw stem te laten horen.
Openbaarheid van Bestuur
Elke overheid in Vlaanderen is verplicht om haar burgers zo goed mogelijk te informeren. De gemeenten en de OCMW’s moeten dus duidelijke informatie geven over hun beleid en hun dienstverlening.
Dat kan via een infoblad, via brieven, tijdens informatievergaderingen, via het internet, aan de telefoon of aan het loket. De websites van de gemeenten bevatten al naargelang de gemeente min of meer uitgebreide informatie over hun werking.
Brieven van de overheid moeten ook steeds de naam en het telefoonnummer vermelden van de persoon die een dossier behandelt. Verder kan de Vlaamse infolijn 1700 helpen bij het verwijzen naar de juiste instantie of persoon voor een bepaalde vraag.
De overheid moet in alle openheid besturen en dat betekent dat alle bestuursdocumenten in principe openbaar zijn en dat de burgers deze documenten kunnen inkijken. Soms moet dit schriftelijk aangevraagd worden. Hoe dat moet gebeuren wordt stap voor stap beschreven op http://www.vlaanderen.be/openbaarheid
Inspraakmogelijkheden
De meest voor de hand liggende manier om deel te nemen aan de lokale politiek, is zich kandidaat stellen voor de verkiezingen. Maar er zijn ook andere manieren om te participeren en er zijn een aantal inspraakmogelijkheden.
De gemeenteraad bijwonen.
Hoewel de gemeenteraad openbaar is, mag u zich niet in de debatten mengen. Toch kunt u een gemeenteraadslid er misschien wel van overtuigen uw thema op de agenda te plaatsen.
Burgers kunnen via een handtekeningenactie ook een punt toevoegen aan de agenda van de gemeenteraad. Dat heet ’voorstellen van burgers’. Wie voldoende handtekeningen verzamelt kan dat punt ook zelf toelichten tijdens de zitting.
Tegelijkertijd beschrijft het gemeentedecreet een procedure om ’verzoekschriften’ in te dienen. Via dat kanaal kan iedereen zijn opmerkingen, verzoeken of suggesties voorleggen aan het lokale bestuur.
Volksraadplegingen of referenda.
Het initiatief voor een volksraadpleging kan van de gemeente zelf komen of kan van de inwoners komen. Als de inwoners voldoende handtekeningen kunnen verzamelen voor een verzoek om een referendum te organiseren, is het gemeentebestuur verplicht de volksraadpleging te organiseren. In een kleine gemeente (minder dan 15.000 inwoners) moet 20 percent van de inwoners het verzoek steunen, in grotere steden en gemeenten (meer dan 30.000 inwoners) is dat 10 percent.
Bij een volksraadpleging mogen alle inwoners vanaf 16 jaar op een concrete vraag met ja of neen antwoorden. Een klassiek voorbeeld van zo’n referendum is het al dan niet aanleggen van een parkeerterrein. Hoewel het resultaat van zo’n referendum niet bindend is, zal het gemeentebestuur er meestal wel rekening mee houden, omdat het anders een groot deel van zijn geloofwaardigheid zou verliezen.
Hoorzittingen.
Soms organiseert de gemeente hoorzittingen. Ze doet dat als ze het nodig vindt dat de inwoners gedetailleerde informatie krijgen over bepaalde plannen. Vaak gaat het daarbij om ruimtelijke ordening (bijvoorbeeld de heraanleg van de dorpskern). Op die hoorzittingen kunnen de burgers vragen stellen aan deskundigen.
Gemeentelijke adviesraden.
De meest gangbare vorm van participatie is lidmaatschap van een adviesraad: ook uw gemeente heeft wellicht een cultuurraad, een jeugdraad, een ouderenraad, een sportraad, een milieuraad, een landbouwraad, een bibliotheekraad…
Sommige van die adviesraden zijn verplicht, wil de gemeente subsidies krijgen van de Vlaamse overheid. Dat geldt met name voor de raden voor cultuurbeleid, de sportraden, de jeugdraden en de gemeentelijke raden voor advies in de ruimtelijke ordening (GECORO).
In principe kan iedereen lid worden van een adviesraad. Meestal is een raad samengesteld uit mensen die interesse hebben in een bepaald domein van het beleid of in een bepaalde doelgroep. Zo zal de jeugdraad eerder samengesteld zijn uit jonge mensen, en de cultuurrraad uit mensen die een goed cultuurbeleid belangrijk vinden. Vaak komen ook de desbetreffende ambtenaren of zelfs schepenen naar de vergaderingen.
De adviesraden brengen niet-bindend advies uit ten behoeve van de gemeenteraad. Dat wil zeggen dat het gemeentebestuur er niet noodzakelijk rekening mee moet houden. Toch gebeurt dat meestal wel.
Gemeenteraadsverkiezingen: achtergrondinfo voor leraren
Hoe werkt een gemeentebestuur? Hoe gaat het eraan toe in de lokale politiek? Hoe verlopen de verkiezingen? Wat gebeurt er na de verkiezingen?
Kris Deschouwer, professor politieke wetenschappen aan de VUB, gaf op 11 mei 2012 een Masterclass voor leraren in het Vlaams Parlement. De Powerpointpresentatie kunt u hier downloaden.


